De eerste ochtend in de Loirestreek was heerlijk. De temperatuur was zeer aangenaam. Bianca en ik wilden ons ochtendritueel graag voortzetten: brood halen en een lekker bakkie koffie. Even leek het erop dat we beide niet gingen scoren, maar gelukkig werden er net nieuwe baguettes aangevuld. Er lagen twee soorten croissants. Een mand vol mooie goudbruine exemplaren en twee andere manden waarvan de croissants volgens mij de oven alleen van een afstandje hadden gezien.

Bianca had trek in een croissant en vroeg er drie. Zoals ik al verwachtte, wilde de dame achter de balie de witte, halfgare exemplaren pakken. Dus in mijn beste Frans vroeg ik naar de andere. Dat was volgens mij niet helemaal de bedoeling, maar ik kreeg ze toch mee. De koffie daarentegen bleek een lastig verhaal. Daar deden ze niet aan. De bar was namelijk nog gesloten.

Eenmaal terug bij de caravan stond de tafel al gedekt en konden we aan het ontbijt beginnen. Hier bleek overigens ook dat de baguettes nog wel een paar minuutjes extra in de oven hadden mogen doorbrengen.

Vandaag zouden we eigenlijk alleen wat boodschappen doen en Zoey wilde heel graag met ons gaan zwemmen. Er werd gezocht naar de dichtstbijzijnde supermarkt en die bleek in Amboise te liggen. Onderweg gaf Emily aan: “Het lijkt mij eigenlijk wel een leuk stadje om te bezoeken.” We waren vroeg, hadden geen haast en besloten het erop te wagen.

Dat bleek geen verkeerde keuze.

Het was inderdaad een gezellig stadje. Winkeltjes werden bezocht, er werden munten en souvenirbiljetten gescoord. Dat zijn bankbiljetten die op echt geld lijken, maar dan voorzien zijn van afbeeldingen van een stad, monument of museum.

Midden in het centrum staat een immens kasteel. Of zoals de Fransen zeggen: een château. Er werden natuurlijk de nodige foto’s gemaakt. Wat ons direct opviel was een losstaand kapelletje dat er bijzonder mooi uitzag. Zoey is helemaal weg van kastelen en wilde het graag bezoeken. Eigenlijk gold dat voor ons allemaal.

We liepen naar de ingang, waar we eerst nog even gefouilleerd werden voordat we onze entreekaartjes konden kopen. Daarnaast kregen we een tablet mee waarmee je op verschillende plekken extra informatie kon bekijken.

Eenmaal binnen werden we verrast door de enorme oppervlakte van het terrein. Vanaf de straat zie je maar een deel van het complex, maar eenmaal binnen de muren ontdek je pas hoe groot het werkelijk is. Als eerste liepen we naar het kapelletje dat we vanaf de straat al hadden zien liggen. Binnen wachtte direct een verrassing, want hier bleek Leonardo da Vinci begraven te liggen.

Persoonlijk vond ik het bijzonder om stil te staan bij het graf van Leonardo da Vinci. De meeste mensen kennen hem natuurlijk van de Mona Lisa, maar hij was veel meer dan alleen schilder. Leonardo werd in 1452 geboren in het Italiaanse plaatsje Vinci, nabij Florence. Naast kunstenaar was hij ook uitvinder, ingenieur, architect en wetenschapper. Eigenlijk leek het alsof er geen onderwerp bestond waar hij niet nieuwsgierig naar was. Dat maakt hem voor mij zo’n fascinerende figuur.

In 1516 werd Leonardo door de Franse koning Frans I uitgenodigd om naar Frankrijk te komen. Hij vestigde zich in Amboise, in het nabijgelegen landhuis Le Clos Lucé, op korte afstand van het koninklijke kasteel. Daar bracht hij de laatste drie jaar van zijn leven door. Hoewel hij niet in het Château d’Amboise zelf woonde, was hij nauw verbonden met het hof en de koning.

Toen Leonardo in 1519 overleed, werd hij aanvankelijk begraven in de kerk van Saint-Florentin op het terrein van het kasteel. Die kerk werd echter eeuwen later afgebroken. In de negentiende eeuw werden vermoedelijke resten van Leonardo teruggevonden en overgebracht naar de Saint-Hubertkapel, waar zijn graf zich tegenwoordig bevindt. Het blijft bijzonder om te bedenken dat een van de grootste genieën uit de geschiedenis hier, midden in de Loirestreek, zijn laatste rustplaats heeft gevonden.

Vanuit de kapel liepen we naar de resten van de Minimestoren (De jongenstoren). Vanaf hier hadden we een prachtig uitzicht over de Loire en de omgeving. Daarna werd het tijd om het château zelf te gaan bekijken.

Het Château d’Amboise is een van de meest indrukwekkende kastelen van de Loirestreek. Al in de middeleeuwen stond hier een fort op een strategische plek hoog boven de Loire. Aan het einde van de vijftiende eeuw werd het omgebouwd tot een koninklijke residentie door koning Karel VIII. Daarmee begon de bloeiperiode van het kasteel. Ook zijn opvolgers, waaronder Lodewijk XII en Frans I, verbleven regelmatig in Amboise en lieten het kasteel verder uitbreiden en verfraaien. Hierdoor groeide het uit tot een van de belangrijkste verblijfplaatsen van de Franse koningen.

Door de eeuwen heen is het kasteel meerdere keren verbouwd. Iedere eigenaar liet zijn eigen stempel achter, waardoor verschillende bouwstijlen samenkomen. Helaas is niet alles bewaard gebleven. Tijdens de Franse Revolutie raakten delen van het kasteel in verval en later werden zelfs complete vleugels afgebroken. Als je oude afbeeldingen ziet, besef je pas hoe enorm het oorspronkelijke complex moet zijn geweest. Toch ademt het huidige Château d’Amboise nog altijd de grandeur van de Franse renaissance.

Wat wij vooral leuk vonden, is dat veel vertrekken zijn ingericht met meubels, wandtapijten, schilderijen en gebruiksvoorwerpen uit de betreffende periode. Hierdoor krijg je een goed beeld van hoe het leven aan het Franse hof eruit moet hebben gezien. Het voelt daardoor niet als een leeg kasteel waar alleen nog muren overeind staan, maar echt als een plek waar ooit koningen, koninginnen en hun hofhouding hebben geleefd. Tijdens de rondgang loop je van zaal naar zaal en krijg je steeds meer een beeld van hoe indrukwekkend dit paleis in zijn hoogtijdagen moet zijn geweest.

En dan is er natuurlijk nog het uitzicht. Vanaf de terrassen en verdedigingsmuren kijk je uit over de Loire en het stadje Amboise. Het is dan ook niet moeilijk voor te stellen waarom de Franse koningen juist deze plek uitkozen als residentie. De combinatie van het uitzicht, de geschiedenis en de band met Leonardo da Vinci maakt Château d’Amboise wat mij betreft een zeer geslaagd bezoek.

We verlieten vervolgens het centrum van Amboise om richting ons eigen Château du Caratt te gaan. Daar maakten we ons op voor een plons in de lagune en het zwembad. Dat was met deze temperaturen wel even lekker verfrissend.

Na het poedelen hebben we ons opgefrist en zijn we het eten gaan bereiden. Vandaag stond er een lekker selfmade broodje hamburger op het menu.

Na het eten werd er eerst even gerelaxt, waarna de strijd losbarstte om avondwinnaar van Yahtzee te worden. Hoe dat afliep weet ik eerlijk gezegd niet meer precies, maar rond middernacht hebben we de verlichting uitgedaan en zijn we horizontaal in bed gaan liggen.

One Comment

  1. Haha … heb je daar geen actieve herinnering meer aan??? Wat een prachtige plek zijn jullie geweest!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *